September 2026
Hier tekort, daar overschot
Nederland meldt 195 tekortberoepen en maar 8 overschotberoepen, de schevste verhouding van Europa. Op het continent staan 2.617 tekorten tegenover 2.177 overschotten.
Laatst bijgewerkt 31 augustus 2026
Samenvatting
Europa telt officieel 2.617 gemelde tekortberoepen en 2.177 overschotberoepen, en dezelfde beroepen staan geregeld in het ene land op de tekortenlijst en in het andere op de overschotlijst. Nederland is een uiterste: 195 tekortberoepen, het op een na hoogste aantal na Italie, tegenover 8 overschotberoepen, vrijwel het laagste van Europa. Er valt hier dus bijna niets binnenlands te herverdelen. Rond 53 miljoen Europese werkenden, ongeveer een kwart van de werkgelegenheid, zit in een beroep met wijdverbreide tekorten of overschotten.
Krapte wordt meestal per land besproken, alsof elk land zijn eigen probleem heeft. De officiele Europese tekortenlijsten laten iets anders zien: dezelfde beroepen zijn schaars in het ene land en over in het andere. Dit rapport leest de kaart van 2025 en zoekt de Nederlandse positie erop.
De kaart: 2.617 tekorten, 2.177 overschotten
Het Europese arbeidsagentschap bundelt jaarlijks de tekort- en overschotberoepen die 28 landen via het EURES-netwerk melden. De editie van 2025, verschenen in juni 2026, telt 2.617 gemelde tekortberoepen tegenover 2.177 overschotberoepen. Vrijwel elk beroep, 97% van de beroepsgroepen op het fijnste niveau, is ergens in Europa schaars.
De tekorten concentreren zich bij vakspecialisten, ambachtslieden en machinebedieners, en het zwaarst en hardnekkigst in zorg en welzijn, een sector met zo'n 25 miljoen werkenden waar artsen, verpleegkundigen en verzorgenden vrijwel overal op de lijsten staan. In totaal werkt rond 53 miljoen Europeanen, ongeveer een kwart van de werkgelegenheid, in een beroep met wijdverbreide tekorten of overschotten.
Nederland: veel tekort, bijna geen overschot
Nederland meldt 195 tekortberoepen, na Italie het hoogste aantal van Europa. De vijf grootste melders samen zijn goed voor 38% van alle gemelde tekorten.
De andere lijst is korter. Nederland meldt 8 overschotberoepen; alleen Malta meldt er minder, met 2. Het rapport merkt bovendien op dat Nederland van de grote tekortmelders de hoogste vacaturegraden combineert met lagere werkloosheid. De diagnose is daarmee scherper dan een lange tekortlijst alleen: er staat in Nederland vrijwel niets tegenover. Landen als Oostenrijk en Finland melden honderden overschotberoepen en hebben dus een binnenlandse herverdelingsopgave; Nederland heeft een aanbodprobleem.
De asymmetrie is de kans
Veel beroepen staan in het ene land op de tekortenlijst en elders op de overschotlijst. Het rapport noemt dat onbenut potentieel voor grensoverschrijdende bemiddeling, en voor de Nederlandse markt is dat geen abstractie. Wie hier een tekortberoep zoekt, vindt hetzelfde beroep soms met overschot in een ander EURES-land, met een officiele lijst als onderbouwing.
Dat maakt deze lijsten commercieel bruikbaar. Een bureau dat internationaal werft, kan per beroep aanwijzen waar het overschot zit, op gezag van de nationale meldingen zelf in plaats van een leverancier met een belang.
Wat de lijsten niet zeggen
- De lijsten zijn nationale meldingen met nationale methoden en drempels. Een land dat grondig meldt, telt meer beroepen dan een land dat terughoudend meldt. Aantallen zeggen dus iets over aanwezigheid op lijsten, niet over de diepte van een tekort.
- Een beroep op een lijst is geen aantal personen. Hoeveel mensen er per tekortberoep ontbreken, meet dit rapport niet.
- Grensoverschrijdende matching stuit in de praktijk op taal, erkenning van diploma's en huisvesting. De kaart toont waar het aanbod zit, niet hoe makkelijk het beweegt.
Wat dit betekent
- Het citeerbare cijfer. Nederland staat met 195 tekortberoepen op de tweede plaats van Europa en meldt met 8 overschotberoepen vrijwel de kortste overschotlijst. Herverdelen kan hier nauwelijks; werven moet.
- Zorg is overal schaars. Wie in zorgberoepen werft, concurreert Europees; vrijwel elk land heeft dezelfde lijst. Aangrenzende landen leegvissen is daar geen strategie.
- Gebruik de lijsten als bewijs. De officiele tekortenlijst is een verdedigbaar argument op een klantgesprek, en de overschotlijsten van andere landen wijzen aan waar internationale werving kansrijk is.
- Een kwart van de markt is uit balans. Rond 53 miljoen Europese werkenden zitten in een beroep met wijdverbreide tekorten of overschotten. Dit is de structurele toestand, geen conjunctuurverschijnsel.
Verantwoording
Alle cijfers komen uit Labour shortages and surpluses in Europe 2025 van het Europese arbeidsagentschap, gepubliceerd op 8 juni 2026 binnen het EURES-netwerk en geraadpleegd op 1 september 2026. De publicatie valt onder het auteursrecht van het agentschap en is hier samengevat en herschreven, niet overgenomen.
De keten hoort erbij: het rapport bundelt tekort- en overschotmeldingen van de nationale EURES-coordinatiebureaus van 28 landen, op het viercijferige niveau van de ISCO-beroepenclassificatie van 2008. Die nationale lijsten hanteren eigen definities en drempels, wat de aantallen tussen landen beperkt vergelijkbaar maakt; het rapport zegt dat zelf en dit rapport neemt die beperking over. De genoemde 53 miljoen en de zorgcijfers zijn schattingen uit het rapport, niet van ons.
Bronnen
Open publicatie van IPMERC Research. Vrij te gebruiken met bronvermelding.