In 2025 telde Nederland 372.000 deeltijders die meer uren willen werken, tegenover 297.000 werklozen. De grootste onbenutte groep op de arbeidsmarkt heeft dus al een baan. Deeltijders geven aan gemiddeld 2 tot 2,5 uur per week extra te willen werken. Bij een klant met twintig deeltijders is dat samen ruim een volledige werkweek, zonder een enkele nieuwe kandidaat.
Onderzoeksbibliotheek
18 publicaties
Elk rapport en artikel van IPMERC Research op een plek. Openbaar, met bronvermelding, en vrij te gebruiken.
Krapte
Tussen medio 2022 en medio 2025 daalde de Nederlandse vacaturegraad van 5,1% naar 4,2%. Dat gemiddelde verbergt het eigenlijke verhaal. In ICT zakte de graad van 8,2% naar 5,1%, in handel en horeca van 6,6% naar 4,7%. In de bouw ging hij van 7,5% naar 7,4% en in de zorg van 4,4% naar 4,3%. Twee sectoren koelden vrijwel niet af, en dat zijn precies de sectoren waar productie niet uitgesteld of geautomatiseerd kan worden.
De bouw heeft tussen 2026 en 2029 75.000 nieuwe voltijds arbeidskrachten nodig, waarvan het onderwijs er ongeveer 50.000 kan leveren en 25.000 uit zij-instroom moet komen. De netbeheerders hebben tot 2029 28.000 technici nodig, waarvan 23.000 bij aannemers. In de zorg raamt men een tekort van 155.000 in 2032, tegen 37.000 in 2021. Dit zijn de drie sectoren waar de vacaturegraad sinds 2022 vrijwel niet daalde.
De Nederlandse IT-arbeidsmarkt koelt af sinds 2023. Toch groeide het aantal werkenden in IT-beroepen in het tweede kwartaal van 2026 met 36.000 op jaarbasis, de sterkste stijging van alle beroepsgroepen. Die cijfers spreken elkaar niet tegen: de markt normaliseert na een uitzonderlijke piek, maar het knelpunt is verschoven van aantal naar aansluiting. In 2024 lukte het 63% van de bedrijven die IT-personeel zochten niet om alle vacatures te vullen.
In 2024 kocht 71,0% van de Nederlandse bedrijven met tien of meer werknemers betaalde clouddiensten in. In datzelfde jaar had 29,7% van die bedrijven een ICT-specialist in dienst. In 2025 draaide 55,4% van de Nederlandse bedrijven een database of bestandsopslag bij een cloudaanbieder, tegen 24,0% in de Europese Unie als geheel, en alleen Denemarken zit daarboven met 55,5%. Migratie weg bij die diensten is ICT-werk. Van de Nederlandse bedrijven die in 2024 een ICT-specialist zochten, hield 63,1% een vacature over die niet ingevuld raakte, en de meest genoemde oorzaak was dat er niemand solliciteerde. Toen de Autoriteit Consument en Markt 420 zakelijke cloudgebruikers ondervroeg, bleek dat 172 van hen ooit hebben geprobeerd van aanbieder te wisselen. Bij 52 daarvan lukte het niet, oftewel 30,2% van alle pogingen. Van de bedrijven bij wie het wel lukte, deed 52,5% dat met een tussenpartij.
In het vierde kwartaal van 2024 waren van de 93 beoordeelde beroepsgroepen er 34 krap en 56 zeer krap; 2 waren gemiddeld en 1 was ruim. Voor 32 van de 112 groepen voorspelt het ROA verdere verkrapping tot 2030. Wat die groepen onderscheidt is zelden banengroei en meestal vertrek: gemiddeld moet 2,8% van de werkenden per jaar worden vervangen, bij slagers 8,1%, de hoogste van alle beroepsgroepen, en bij adviseurs marketing, public relations en sales 1,1%. Slagers kennen vrijwel geen banengroei en blijven toch krap; de adviseurs worden iets minder krap. Vertegenwoordigers en inkopers krimpen met 1.900 werkenden en blijven niettemin aan de krappe kant. De drie beoordeelde ICT-groepen, samen 518.400 werkenden, waren eind 2024 alle zeer krap en worden tot 2030 alle iets minder krap; bij gebruikersondersteuning ict was dat in het derde kwartaal van 2025 al zichtbaar. Bij vijf technische beroepsgroepen is de voorspelde afkoeling in dat kwartaal juist nog niet terug te zien in de Spanningsindicator.
Krapte op de arbeidsmarkt is geen conjunctuurverschijnsel meer. De Nederlandsche Bank concludeerde in 2024 dat het arbeidsaanbod door vergrijzing tot 2040 vrijwel niet meer groeit. Als het aanbod niet meegroeit, past de vraag zich aan: bedrijven schalen werk af, verhogen de prijs of automatiseren. In de zakelijke dienstverlening gebeurt dat nu al. Kwantitatief is het gat bijna gedicht, kwalitatief is het groot.
Van de Nederlandse werkgevers die in het najaar van 2025 hun moeilijkst vervulbare vacature aanwezen, noemde 27% een technisch beroep: monteurs, lassers, verspaners, CNC-operators en engineers. Zorg en welzijn volgt op afstand met 13%. In de bouw was 71% van de ontstane vacatures moeilijk vervulbaar, in de industrie 53%. De vacaturegraad stond in het vierde kwartaal van 2025 in de bouw op 7,0%, in de specialistische zakelijke diensten op 5,0% en in de ICT op 4,8%, tegen 3,9% voor de hele economie. De markt als geheel wordt ruimer, het aandeel moeilijk vervulbare vacatures daalde van 53% in 2023 naar 45% in 2025, maar dat is vooral het verhaal van kantoorberoepen. In Duitsland zakte de vacaturegraad in de ICT naar 2,5%. Het Nederlandse techniektekort is geen Europees noodlot, het is een Nederlands profiel.
Groei
Van de 9,42 miljoen Nederlandse werkenden tussen 15 en 64 jaar zijn er 1,87 miljoen tussen 55 en 64: 19,9%. Zij verlaten de arbeidsmarkt binnen ongeveer tien jaar. Dat is geen conjunctuur en geen groeiscenario, het is een leeftijdsopbouw die al vaststaat. De vraag naar personeel die daaruit voortkomt bestaat ongeacht wat de economie doet, terwijl de instroom die haar zou moeten opvangen kleiner is dan de uitstroom.
Nederland leverde in 2024 8.710 ICT-afgestudeerden af op bachelor- en masterniveau, tegen 3.101 in 2015. Een stijging van 181% in negen jaar, veel sneller dan de 28% groei van het totale aantal afgestudeerden. Toch bleef het aandeel bedrijven met moeilijk vervulbare IT-vacatures rond de 63%. Meer aanbod uit het onderwijs heeft de krapte dus niet opgelost, en dit rapport laat zien waarom.
Salaris
De Nederlandse loonkostenindex ging tussen medio 2021 en medio 2025 van 113,1 naar 143,1, een stijging van 26,5%. Dat is meer dan Duitsland (23,1%) en bijna het dubbele van Frankrijk (14,1%). Toch noemt slechts 39% van de Nederlandse werkgevers de salarisverwachting van kandidaten als reden dat een IT-vacature moeilijk vervulbaar is, onder het EU-gemiddelde van 42%. Beide feiten samen betekenen dat meer betalen een matchingprobleem niet oplost.
Dit rapport presenteert de mediaan bruto maandsalarissen voor twaalf IT-markten in Nederland. De data beslaan de periode augustus 2024 tot en met augustus 2026 en zijn afkomstig uit echte plaatsingsdata van Pearson & Partners. Cloud is de grootste markt met 328 waarnemingen. Architectuur is het best betaald met een mediaan van €7.800 per maand. De kwartaaltrends laten zien dat Cloud licht daalt, terwijl Data en Java stijgen.
Werving
Van de Nederlandse werkgevers met externe vacatures verrichtte 65% in het najaar van 2025 extra inspanningen om personeel te vinden. De volgorde is een ladder. Bovenaan staan de goedkope treden: vacatures via meer kanalen verspreiden (54%), via het eigen netwerk werven (52%) en kandidaten aannemen die nog opgeleid moeten worden (52%). Daaronder de arbeidsvoorwaarden (34%). Pas dan volgt de buitendeur: 22% huurt vaker uitzendkrachten, gedetacheerden of freelancers in en 21% zet vaker een recruiter, wervingsbureau of headhunter in. In de industrie liggen beide externe routes boven het gemiddelde. Op de piek van de krapte, in het najaar van 2021, schakelde de helft van de werkgevers met moeilijk vervulbare vacatures een uitzendbureau, wervingsbureau of headhunter in. Wie als bureau een opdracht binnenkrijgt, krijgt gemiddeld een vacature waar de markt al op is uitgekeken: 87% van de werkgevers met wervingsproblemen kreeg te weinig reacties.
Een werving- en selectiebureau rekent op no-cure-no-pay-basis doorgaans 22 tot 32% van het bruto jaarsalaris per plaatsing; bij retained search is dat 20 tot 30%, waarvan een deel vooraf wordt betaald. Bij een salaris van €55.000 en een fee van 25% komt dat neer op €13.750. Een eigen corporate recruiter kost per jaar €65.000 tot €80.000, opgebouwd uit een gemiddeld salaris van circa €41.000 tot €55.000 (geraadpleegd augustus 2026), zo'n 30% werkgeverslasten en enkele duizenden euro's aan systemen en jobboards. De vaste last is daarmee pas terugverdiend vanaf ongeveer vijf tot zeven plaatsingen per jaar die anders via een bureau waren gelopen. Boven dat volume wint de eigen recruiter ruim: in het laatste Nederlandse benchmarkonderzoek (meetjaar 2020) lag de kostprijs per hire bij corporates op €3.818, bij een portefeuille van gemiddeld 20 vacatures per recruiter. Onder dat volume betaalt een bedrijf meer voor de eigen recruiter dan het aan fees kwijt was geweest. En bij schaarse technische profielen dreigt de duurste uitkomst: eerst maanden intern proberen, daarna alsnog het bureau betalen.
Proces
Dit rapport analyseert het recruitmentproces van intake tot plaatsing. Het uitvalpercentage bij het eerste interview (IV1) is 72%: bijna drie op de vier kandidaten komen niet verder na het eerste gesprek. De gemiddelde doorlooptijd van intake tot plaatsing bedraagt 47 dagen. Per markt en per senioriteit zijn salarisbanden berekend, met de grootste sprong bij Embedded: 56% toename van medior (€3.850) naar senior (€6.000).
Verkopers horen vaak dat een klant pas ja zegt na vijf pogingen. Dit artikel zoekt uit waar dat getal vandaan komt. Het spoor eindigt bij een kleine enquête uit 1942, met minder dan veertig deelnemers. Moderne datasets laten iets anders zien: hoe vaak je iemand aan de lijn krijgt, hoeveel contactmomenten een afspraak kost en wat het eerste nee echt betekent. De conclusie: het getal vijf klopt toevallig ongeveer voor iets anders, namelijk het aantal contactmomenten dat een topverkoper nodig heeft voor een eerste afspraak. Over het overtuigen van een klant zegt het niets. Wie bedrijven koud belt, moet rekenen op zeven tot acht belpogingen per persoon, ongeveer twintig contactmomenten in drie weken en ongeveer negentien belpogingen per echt gesprek.
Geografie
Dit rapport brengt de geografische verdeling van IT-kandidaten in kaart over vier regio's: Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en de rest van Nederland. Amsterdam domineert in alle markten behalve Embedded en PHP. Utrecht heeft een opvallend hoog aandeel Data-professionals: 24% van de Utrechtse IT-markt bestaat uit Data, vergeleken met 11% landelijk. Rotterdam is relatief sterk in Cloud en Testing.
Gespreksvoering
Gestructureerde gespreksvoering
23 min lezen
Dit artikel beschrijft een raamwerk voor gespreksvoering, opgebouwd uit de praktijk van professionele dienstverlening. Het kent zes fasen die in vaste volgorde worden doorlopen in een eerste gesprek, en die daarnaast los inzetbaar zijn in vrijwel elke andere interactie. Daarnaast beschrijft het artikel een vaste route voor het behandelen van weerstand, een driedelige opbouw voor een voorstel en een werkritme dat de toepassing draagt. De beschrijving is bewust vrij gehouden van een specifieke sector, zodat het materiaal bruikbaar is in het onderwijs, in commerciele en adviserende teams, en in elke context waarin mensen een gesprek voeren met een doel.